maandag 30 maart 2020

And now the time has come...?

In de DaysInn in Flagstaff zijn we haast de enige gasten. We krijgen een fijne ruime kamer, waar we al om 9u 's ochtends in mogen. Stevige sneeuwbuien houden ons 's middags binnen. 's Avonds halen we eten bij de pizzeria vlak naast het hotel. Het blijkt flink te ijzelen. Als we naar binnen gaan loopt het personeel tot onze verbazing in korte broeken en t-shirtjes met bestellingen heen en weer te rennen naar de auto's op de parkeerplaats, brrrr.

Een dag binnen geeft niet alleen tjd om een boek te lezen, maar ook om weer even goed te kijken naar de coronasituatie in de VS, niet iets om vrolijk van te worden.

New Mexico is de eerste staat op onze route die thuis blijven verordonneert, een stay at home state zeggen ze hier. Inmiddels geldt voor de hele VS dat onnodig reizen verboden is. Het aantal besmettingen groeit explosief en veel van wat reizen leuk maakt valt weg. Er gaan ook steeds meer echt noodzakelijke voorzieningen dicht. Daarbij verloopt de aanpak van de crisis in de VS chaotisch en versnipperd en om het beeld compleet te maken: de Amerikaan is als een dolle automatische wapens en munitie aan het inslaan!?

We hadden samen bedacht dat we door zouden gaan zolang dat mag, en zolang dat ook kan. 

In onze hotelkamer zien we de cijfers, horen we het nieuws en besluiten we  dat de reis èn niet meer mag, want zijn fietsvakanties nou ėcht nodig..., niet goed meer kan èn niet meer leuk is. Ook bekruipt mij het gevoel dat we, als we ziek zouden worden, wellicht niet de nodige zorg gaan krijgen. Want wie heeft in die situatie aandacht voor buitenlanders, al zijn ze verzekerd? En het speelt ook mee dat onze collega fietsers Brian en Dean aangeven dat ze stoppen.

En dan hakken we de knoop door, we gaan proberen thuis te komen. Een rare mengeling van enorme teleurstelling en opluchting. Al die mooie plannen, al die prachtige dingen die we niet meer gaan zien, de emotionele accu die weliswaar weer halfvol is, maar nog lang niet helemaal...maar ook niet langer bang hier tussen de kieren van een steeds slechter werkende maatschappij te vallen. So now the time has come to face the final curtain. We did it our way!

Inmiddels zien we het leven in de VS verder veranderen. Als we voor boodschappen het hotel uit gaan is er steeds minder te krijgen.
Steeds meer mensen houden goed afstand, met uitzondering van de campagnevoerende vrouw die ons benadert en na een kort gesprekje zegt dat Arizona de volgende dag ook in lock down gaat. 

Naar huis dus, maar hoe? 
Velen wezen ons op de site van BuZa, maar die verwijst eerst naar de vliegmaatschappij. Die verwijst op zijn beurt naar het reisbureau en Cheaptickets  geeft in crisistijden niet thuis: alleen per e-mail bereikbaar en we antwoorden langzamer dan u gewend bent. En eigenlijk wil niemand kijken naar vluchten die pas in juli gepland staan.

Uiteindelijk heeft Annemarie de bevrijdende gedachte. We boeken een nieuwe vlucht. Eenmaal thuis hebben we alle tijd om de terugvlucht met United te annuleren. Over de annuleringsboete is wellicht nog te onderhandelen met hen of de verzekeraar.

Dit verlost ons van de zeer beperkte mogelijkheden die United nog biedt om naar Europa te gaan (ze vliegen alleen nog op Londen). We boeken Delta/KLM, die tenminste nog op Amsterdam vliegen. We gaan vanaf Phoenix terug.

Stap 1, naar Phoenix. Philip is behoorlijk verrast als we bellen met de vraag of hij iemand weet die ons kan brengen. Maar hij doet dat graag zelf. Natuurlijk betalen we daarvoor. 


Met ons drieen worden we er al handig in om de fietsen op de pick up te hijsen... We hadden de fietsen beter op de auto kunnen laten staan! Onderweg heb ik uitgebreide gesprekken met onze Navajo chauffeur over het leven in het reservaat, Annemarie zit liever achterin. Wie is hier nou de antropoloog? Na een bezorgd extra rondje door de buurt van het hotel, volgens Philip een slechte buurt, zet hij ons af bij het motel. Hij hoopt dat anderen dat voor zijn vrouw of dochter ook zouden doen als ze alleen op reis zijn. Hij werpt bij het uitladen voor onze kamer een snelle blik naar binnen en moet bekennen dat die er ok uitziet. 

Na een goede nacht beginnen we onze dag dan maar met een rondje around the block om de buurt te verkennen. Het is een wijk met veel bedrijven en hotels, want vlak bij het vliegveld. Af en toe een klein plukje wat armoedige huizen, maar dat overheerst niet. We voelen ons er prima en besluiten hier te blijven tot vertrek.

Zondag is het inmiddels. Een dag om Phoenix beter te leren kennen. Even nog vakantie! Het is hier heerlijk weer ca 25 graden en de stad blijkt prachtige fietspaden te hebben.


En als je tussen de auto's moet dan is social distance in het verkeer al langer wettelijk verplicht zien we.

In het toeristische Scottsdale is nog een beetje leven. Onze lunch is take away, maar op een terras, ruim op afstand van iedereen, en gezond! Heerlijke pita broodjes met verse hummus en een bak groente erbij.
Je ziet dat sommige ondernemers zelfs al vakjes op de stoep hebben geschilderd op de gewenste afstand van elkaar. Dat helpt de rij wachtenden, mensen staan braaf op de vakjes te wachten. 


Tussen de gebouwen af en toe een heerlijk rustige groene oase. In de parken is nog leven. Iedereen op gepaste afstand, maar mensen zitten lekker in het gras met een boek, een vrouw blaast enorme zeepbellen met een net, er klinkt muziek uit een cafeetje. Het is ineens echt zomer, compleet met Italiaans ijs! 



Een beeldje van een typische VS couch potatoe bereidt ons voor op het leven thuis ;-) 


Aan het eind van de dag rijden we langs nog een prachtig, net aangelegd, fietspad naar het hotel terug. Toch nog een heerlijke vakantiedag!


Vluchten worden veel gecancelled, maar nu lijkt het erop dat we 1 april vliegen. 

De mooiste etappe

Eigenlijk wilden we niet zo veel bloggen. Hoe minder je blogt, hoe beter de verhalen denken we. Maar dit is geen normale reis. De spanning neemt elke dag toe en er is alle reden om ons blog weer even te updaten. Om de clou meteen maar te verklappen: de mooiste etappe is ook de laatste geweest. Liesbeth zal daar verder op ingaan. Ik mag eerst de mooiste etappe verslaan.

Van Tusayan fietsen we voor de derde keer richting de Grand Canyon. Maar dit keer met alle bagage. Op strava zie je goed dat dat geen pr's oplevert. Er staat een ijzig koude wind en er zitten veel klimmetjes in de weg. Maar ook zonder die elementen is de route adembenemend. We fietsen zo'n 35 km langs de zuidrand van de Canyon van het ene naar het andere spectaculaire uitzicht. Het blijkt mogelijk om niet aan corona of het vervolg van onze reis te denken; als je hier staat of fietst ga je helemaal in de omgeving op. Net als de afgelopen twee dagen hebben we al die uitzichten bijna helemaal voor onszelf.  We zijn niet te beroerd om ze te delen met onze lezers uiteraard.


Af en toe slingert de weg van de rand af door een stukje bos. Even minder wind, ook lekker. We worden gewaarschuwd voor overstekende poema’s. We zien ze niet, maar wel een paar keer grazende wapiti’s, een soort van heel groot edelhert.






Het Grand View uitzichtpunt met Canyon van links naar rechts zo ver je maar kunt kijken, is een nieuw hoogtepunt. Maar de wind is zo stormachtig hard en koud dat we het er maar heel even uithouden. 


Bij Desert View verlaten we de Grand Canyon. Maar eerst willen we graag koffie - had ik al verteld dat het koud was? - en brandstof. De benzinepomp bij Desert View zou aan deze behoeften moeten kunnen voldoen maar de winkel is helaas gesloten. In verband met corona alleen nog self-service aan de pomp. Er is wel een picknicktafel waar wij bibberend een boterham met pindakaas smeren en daarna snel weer op de fiets stappen. We hebben nog een flink stuk te gaan. Gelukkig gaat de rest van de etappe vooral naar beneden en kunnen we een beetje vaart maken, denken we. Bij het eerste stuk van de afdaling komt de wind echter zo idioot hard van opzij dat het mij niet lukt op mijn eigen weghelft te blijven. Of op de fiets te blijven zitten. Ik moet een stuk lopen, in een afdaling! Een bocht in de weg brengt uiteindelijk verlossing. Afdalen met storm in de rug lukt prima.


Vrij plotseling verandert het landschap. We rollen een enorme vlakte in. Met een soort van kleine canyons. Die komen ongetwijfeld ergens uit op de grote.





We zijn inmiddels ook een Navajo reservaat ingereden. In Cameron hebben we een motel gereserveerd. De Navajo’s hanteren, anders dan in de rest van Arizona, een zomertijd en het is plotseling al erg laat. In de haast om bij het motel te komen stuiven we een paar winkeltjes voorbij. Het blijken de enige winkeltjes te zijn, en omdat we geen puf hebben de helling weer terug op te fietsen wordt het ‘s avonds wederom een boterham met pindakaas.
Overigens een heel mooi motel. Een mooie tuin waarin druk getwitter van vogels, en uitzicht op de Little Colorado river. Elke vleugel van het gebouw is gewijd aan één van de Indianenstammen in deze regio. Wij slapen in de Hopi-vleugel en de kamer is ingericht met Hopi-houtsnijwerk en motieven. Een man die op mij overkomt als de baas, wordt door iedereen oncle genoemd. Later vertelt Phillip, die ons incheckt, dat oncle alleen maar assistent-manager is; de vrouw van oncle is de echte baas.

Als we nu vast zouden komen te zitten door het coronavirus, hoe gaaf zou het dan zijn om een paar maanden in dit reservaat te blijven, mijmer ik. Er een boek of blog over schrijven. Ik kan me geen betere invulling van de rest van mijn levensloopverlof voorstellen! Liesbeth is iets minder enthousiast over dit idee...


De volgende dag is de wind niet afgenomen, de temperatuur wel. Het blijft onder het vriespunt en er wordt veel sneeuw verwacht. Geen dag om de 85 km met veel hoogtemeters naar Flagstaff af te leggen. Gelukkig kunnen we met Phillip mee naar Flagstaff rijden. Zijn pick-up is groot genoeg om de fietsen mee te nemen en in de cabine ook nog onderling te social distancen. Bij het afscheid drukt hij ons op het hart dat we hem moeten bellen als we hulp nodig hebben.

woensdag 25 maart 2020

Grand Canyon - niet in één post te vatten

De mensen hebben zich teruggetrokken. De natuur komt tot rust. Alleen de eekhoorns moeten nog wennen aan zó weinig kruimstrooiende toeristen. De enkele wandelaar of fietser wordt door hen belaagd.








Grand Canyon: geen woorden nodig







maandag 23 maart 2020

Watch them truckers!

Bij de Family Dollar in Ash Fork kopen we ‘s ochtends nog een brood voor onderweg. Een stoere vrouw in spijker-tuinbroek spreekt ons aan. We gaan toch zeker niet op de Interstate-40 fietsen? Het eerste stuk tot aan Williams wel, weinig andere keuze, zeg ik. "O dear, watch them truckers!", waarschuwt ze. Ze blijkt bij een sleepbedrijf te werken en ziet vooral de vrachtauto's waar het minder goed mee afliep. Overigens vooral als het heeft gesneeuwd, voegt ze er geruststellend aan toe. Vandaag zijn de wegen schoon en droog en zien wij vooral veel truckers die als het even kan keurig de meest linkerbaan pakken als ze ons voorbijrijden. In de vluchtstrook van een snelweg fietsen is niet echt leuk, maar onveilig voelt het ook niet. En als je, zoals vandaag, de hele dag moet klimmen dan is het ook wel fijn om te weten dat de snelwegen nooit super steil omhoog gaan. Meer dan 7% zijn we nog niet tegen gekomen.


 

We naderen de Grand Canyon. We wisten dat het op dit deel van onze reis koud zou kunnen worden. Maar het is toch even slikken dat het ook echt zo is. Vooral als blijkt dat ik geen warme sokken bij me heb. Zoals altijd vormen Liesbeth's fietstassen weer een onuitputtelijke bron van verrassingen - ik ben ook zo benieuwd of er ergens onderweg weer een pond drop tevoorschijn wordt getoverd - waaronder dit maal drie (!) paar wollen sokken. Gelukkig vindt ze mij lief en hebben we bijna dezelfde maat.

 

Net als in Nederland is in verband met het coronavirus de horeca gesloten. Er wordt alleen nog "take away" gedaan. Eigenlijk zijn de meeste restaurants nog wel open, maar je mag er niet binnen eten. Neem het mee naar huis, je hotelkamer, de camping, of zoek een verlaten plekje buiten om het op te eten. We kunnen er niet over klagen, we zijn al lang blij dat we nog steeds kunnen fietsen. Maar o wat hadden we in Willams graag onze koffie en short rack pannenkoeken binnen kunnen nuttigen. Zo verkleumd buiten op een bankje lunchen is niet aangenaam. En verkouden worden is nu ook niet handig...






Na Willams mogelijkheid te over ons weer warm te trappen. We hebben de Interstate verlaten en “pukkelen” nog bijna 50 km door op de AZ (Arizona State Way) 64. Op en af, maar telkens meer op dan af. Volkomen gesloopt komen we aan in Valle waar we een motel hebben geboekt. We hebben wel een biertje verdiend en Liesbeth gaat op onderzoek uit. Even later komt ze terug: “Beetje doordrinken vanavond, het wordt alleen in verpakkingen van zes verkocht.” Na een half blikje sta ik, uitgeput als ik ben, al op mijn kop. De volgende ochtend vullen we onze toch al niet lichte bepakking aan met 4 blikjes bier en rijden we de laatste klimmetjes naar de Grand Canyon. Wind mee, dat scheelt.

Het is nog vroeg, 2 graden Celsius en we maken vaart om de voorspelde regen, onweer en sneeuw voor te blijven. Ik stap alleen een keer af om deze berg die zo lijkt op een boa constrictor die een olifant verteert, te fotograferen. En snel weer verder. Met succes, als de hemel openbarst liggen de dames al in de jacuzzi van een vrijwel uitgestorven hotel in Tusayan.





Fortuna audentes iuvat

Hannie en Marius hebben ons gelukkig per e-mail laten weten dat ze veilig zijn thuis gekomen. Ook schreven ze dat ze nog wat nadachten over onze situatie. Jaren sparen, flink investeren met een onbetaald verlof...ze begrepen dat wij kozen om door te gaan. Fortuna audentes iuvat, gaven ze mee, oftewel het geluk is met de dapperen. We houden ons nog geregeld aan die boodschap vast. So far so good, maar  af en toe bekruipt me het gevoel dat we een fuik in fietsen, de maatregelen worden steeds strikter, geen drankje op terrasjes, geen restaurants, alles alleen take away. Als het geluk met ons is, dan eindigt die fuik weer in een verruiming. Immers in de zomer verwachten we dat het virus afzwakt...de terugvlucht staat nog steeds gepland op 24 juli, dan is het hier al serieus zomer! Dus we dapperen vrolijk (en af en toe minder vrolijk) verder.

Wickenburg-Yarnell
Vanaf Wickenburg verlaten we de reguliere route van de Southern Tier en pakken we de detour naar de Grand Canyon. Flink stuk over een rustige weg om in Yarnell te komen,  gestaag klimmend. We worden blij verrrast door het afwisselende landschap.

In deze regio is men niet heel rijk, er zijn net als in Quartzsite mensen die handelen in 2e hands spullen. Het ziet er in onze ogen al gauw rommelig en vervallen uit. We vragen ons af hoe het komt dat Amerikanen zo overtuigd zijn dat hun land het beste ter wereld is...wellicht omdat ze de rest van de wereld niet goed kennen...?


Maar dan, wie heeft het materiële nodig als de natuur zo mooi is..:-) Geregeld vliegen de roofvogels over ons hoofd.
We rijden naar het noorden èn we klimmen, er wordt ineens gewaarschuwd voor ijs. We zien sneeuw in de verte en voelen de kou van de sneeuw al op de wind.



We zijn blij dat we per telefoon in Yarnell al een kamer geboekt hebben. Klein dorp, weinig voorzieningen. De eigenares van het motel komt op aanbellen naar de lobby. Alleen voor room no 8 - die is voor ons - zegt het papier op de deur, verder is the office closed. Ze verontschuldigt zich voor haar mondkapje en wil zichtbaar eigenlijk liever geen contact. Astma, twee kleine kinderen...
Onze kamer is ok, maar wat tochtig, heeft zelfs een hete lucht kacheltje dat al gastvrij staat te loeien. 
Eenmaal opgewarmd lopen we goed ingepakt naar de Dollar General aan het begin van het dorp. De schappen hebben grote lege plekken, Amerikanen hamsteren vooral wc papier (tp) en munitie (ammo), maar we vinden nog brood en water.  . Daarmee lopen we door naar de pizza take away, per slot is het vakantie en geen gevangenis!
De take away houdt het midden tussen een kleine kroeg en een eettentje. Stampvol aan de bar en aan één van de twee langwerpige eettafels. Oude klassiekers galmen door de boxen, mensen zingen gezellig mee. Wij nemen plaats aan de enige vrije tafel en drinken op veilige afstand de sfeer in met een  mengeling van genot en verbazing. Na een drankje lopen we met onze pizza naar onze veilige kamer terug.

Yarnell - Chino Valley
Dit wordt een uitdagende klimdag weten we. De start is gematigd, dan komt er een stevige pukkel en daarna een roller coaster afdaling. Bij vertrek is al duidelijk dat het koud zal worden. We klimmen naar 6100 ft vandaag.

Vlak voor de echte klim de laatste plek voor koffie. Dat kan nergens meer binnen, maar buiten staat een bank op de veranda uit de wind. In de winkel hoor ik over de nieuwste trend: kids do the corona challenge, licking doorknobs and such... Het is een rustige winkel, vanzelf één klant tegelijk en iedereen houdt afstand, met die kids komt het vast goed!
En dan slingeren we de sneeuw in, een cactus herinnert aan warmere dagen, maar verder wanen we ons in een wintersport gebied.


De kou, het klimmen, nergens om even op te warmen. Het valt niet mee. Een enkele fietser (zonder bagage) groet en vraagt naar onze plannen. Geen verbazing over Chino Valley. Zal dus een realistisch doel zijn, dat helpt bij het eindeloze klimmen en dalen in de kou. We komen de hele dag niet boven de 7 graden!

Uiteindelijk is het zwaarste voorbij, we denderen de inmiddels beboste bergen af naar Prescott, een flinke stad. We vinden take away koffie en cheesecake met één terrastafeltje in de zon aan de straat. Dan weer verder naar Chino Valley.

De rustige weg wordt een drukke weg, ook het landschap verandert totaal.





Nu we overwegend dalen, de temperatuur weer wat oploopt, schieten we goed op. We zijn toch bijtijds in Chino Valley, als enige hotelgasten krijgen we een gratis upgrade van een queen naar een king of double. We mogen kiezen,  ach, weet je wat, I'll give them both, so you can put your bikes in one and sleep in the other. Dan wordt dit wat sjiekere hotel ineens goedkoop! Die avond eten we ons laatste maal in een restaurant, een heerlijke burrito, ook in het restaurant zijn we de enige klanten. Morgen moeten ze op take-out dinners over. 



Vanuit Chino Valley rijden we naar Ashfork. Het weidse landschap houdt aan, ook die eindeloze rollende heuvels. De lobby komen we niet in. Op de kamer peuzelen we onze hamburger met lauwe frietjes...maar wat hebben we mooie dingen gezien!